Bovenop de ontwikkelingen

Directeur van het Watersportverbond Arno van Gerven snijdt in zijn wekelijkse column actuele onderwerpen aan in de watersport.

8 april 2021

Nederland telt ongeveer 1 miljoen watersporters. Dat is grofweg tien procent van het aantal stemmers bij de afgelopen Tweede Kamerverkiezingen. Als deze mensen zouden hebben gestemd op de partij voor het Water, dan had die partij in een klap met 14 zetels in het parlement gezeten. Voor informateur Herman Tjeenk Willink de gedroomde coalitiepartner om verbinding te maken tussen de politieke eilanden van dit moment.

Ware het niet, dat de partij van het Water een verzinsel is. Ook koestert het Watersportverbond geen politieke aspiraties, anders dan het behartigen van het belang van kiezers die graag het water op gaan. En bij die beweging komt de hulp van de enorme achterban goed van pas. Want 1 miljoen watersporters zijn in potentie 2 miljoen ogen die in het land meekijken met de plannen en ontwikkelingen van de overheid en haar instanties.

Sinds de oprichting van het Watersportverbond in 1890 gebeurt dat met vrijwilligers in de regio’s. Die dicht op de plaatselijke politiek de plannen volgen van lokale en regionale beleidsmakers. Hard nodig, want in onze zestien regio’s, speelt veel. In overleg met de regioteams en de watersportverenigingen zijn we recent zelfs overgestapt naar een verscherpt lobby-beleid. Per regio worden nu 5-puntenplannen uitgewerkt waarin de 5 heetste hangijzers zijn opgenomen. Zo wordt voor de watersporter belemmerend beleid van gemeenten, provincies, waterschappen en Rijkswaterstaat aangepakt. Wat daarbij iedere keer weer opvalt, is de ondergeschoven positie van de recreatieve gebruiker van dat water. Meestal wordt deze pas beschreven in de laatste hoofdstukken voor de ontwikkeling van een gebied, de aanleg van waterinfrastructuur of de keuzes tussen natuur en recreatie. Om nog maar te zwijgen van onderhoudswerk aan bruggen en sluizen.

Het blijft gissen waarom overheden en instanties zo blijven volharden in deze ziens- en werkwijze, want in bijna alle gevallen waarbij de regioteams van het Watersportverbond intensief worden betrokken, blijkt in de uitwerking van de plannen de meerwaarde van de inbreng van de waterrecreant. Oplossingen krijgen namelijk een ander karakter door niet alleen functioneel een infrastructureel probleem aan te pakken, maar een gedragsverandering te bewerkstelligen.

Hoe dat in de praktijk werkt, is goed te zien bij Gouda. Door toedoen van ons regioteam Zuid-Holland, zijn daar de Veenplassen opnieuw verbonden geraakt met de Enkele en Dubbele Wiericke en de Oude Rijn. Daarmee is het watersportgebied de Reeuwijkse Plassen weer onderdeel geworden van het geheel, zoals het was voor 1927 toen het Gouwekanaal werd gegraven: het Hollandse Plassengebied. Hiermee is een oplossing gekomen voor een kwestie die beleidsmakers sinds de jaren ’90 bezighoudt: een betere spreiding van het vaarverkeer en een veelzijdiger gebruik van het watergebied. In nauw overleg met de instanties, wordt momenteel nog gewerkt aan betere vaarroutes en voldoende aanlegplaatsen. Zo wordt het voor de kleine sport- en recreatievaart (kano’s, SUP’s, sloepen en roeiboten) makkelijker gemaakt het plassengebied op te komen en af te gaan. Ook worden verbeteringen onderzocht voor de brugbediening en doorstroming van de belangrijkste sluis.

Anders dan in het verleden zijn we bij het Watersportverbond niet meer per definitie in verzet tegen plannen van overheden en instanties. Onze rol is veranderd van tegen, naar betrokken en bovenop de ontwikkelingen. Doel? Op elk lokaal niveau van meet af aan worden meegenomen in de plannen. Zo kunnen we bijvoorbeeld aangeven dat windmolens perfect in ondiep water zijn te plaatsen en dat vaarwater in een nieuw te bouwen woonwijk, het leven een stuk mooier en aangenamer maakt.

De partij voor het Water is zo beschouwd toch niet zo’n gek idee.

De partners van het Watersportverbond