Column: Je ziet ze vliegen

Arno van Gerven is directeur van het Watersportverbond. Hij schrijft twee keer per maand een column over de onderwerpen die in de watersport leven.

9 april 2026

Op de deining voor de kust van Maui staat een man op een golfsurfboard. Hij omklemt met twee handen een zeildoek dat bijna zo groot is als een kleine vliegtuigvleugel. Wankel als een aangeslagen bokser probeert hij het gevaarte in bedwang te houden, terwijl de wind het uit zijn handen wil rukken.  

Het is begin jaren tachtig. De man op het board is Jim Drake, een van de grondleggers van het windsurfen. Wat hij probeert, is iets anders dan de sport die groot werd met namen als Robby Naish en Stephan van den Berg. Geen zeil aan een mast, maar een losse vleugel die je zelf moet dragen en sturen. Het idee is helder: loskomen van het water, minder weerstand, meer snelheid. Alleen: de uitvoering blijft achter.

Wordt het Olympisch of niet en hoe begeleid je de groei zonder dat de sport zijn vrijgevochten en eigenzinnige karakter verliest

Jarenlang blijft dat zo. Het concept klopt, maar de uitvoering niet. De vleugels zijn te zwaar, de boards te log. Het kost meer kracht dan het oplevert. Wat je ziet, is vooral inspanning. Dat blijft zo tot de techniek het idee inhaalt: opblaasbare wings maken het hanteerbaar en met de hydrofoil komt het board los van het water. De weerstand neemt af en de beweging kantelt van corrigeren naar glijden. Daardoor begint de sport te groeien en verschuift ook de aandacht naar wat er nodig is om het verder te brengen. 

In januari zat een groep wingfoilers bij ons aan tafel bij het Watersportverbond. Een eerste verkenning. De vragen waren concreet: hoe leiden we instructeurs op, hoe ontwikkelen we de sport verder, hoe reguleren we de wedstrijden en hoe promoten we wingfoilen? Tegelijkertijd zat er onder die vragen voorzichtigheid over wat er gebeurt als je er structuur omheen zet.

Die spanning hoort bij elke jonge sport, maar is vaak minder groot dan ze lijkt. De ervaring leert dat structuur zelden het probleem is, maar de manier waarop die wordt toegepast.

Een paar weken later loop ik met twee vrienden door Bilbao. Het gesprek komt op wingfoilen en blijft hangen tot een van hen zegt dat hij het op het Gardameer heeft gezien.

Even later, in de haven, zien we er eentje. Een board komt los van het water en versnelt. Het heeft iets van een vleugelboot: zodra die loskomt, verandert de beweging. Buitenaards bijna, zo zwevend boven het wateroppervlak. Ook in Nederland zie je dit beeld steeds vaker. Zo zijn er alleen al in de maanden april en mei van dit jaar vijf grote wingfoil wedstrijden. Daarmee bereikt het een allengs groter wordend publiek. Met het oog op de Olympische Spelen van 2032 verschuift ook de discussie. Wordt het Olympisch of niet en hoe begeleid je de groei zonder dat de sport zijn vrijgevochten en eigenzinnige karakter verliest.

Dat gesprek voeren we bij het Watersportverbond al sinds 1890. Bij elke nieuwe watersport die zich aandient, komen dezelfde vragen terug. Hoe zorgen we voor goede opleidingen? Hoe houden we het veilig? Wat organiseer je wel en wat laat je bewust open? Hoe promoot je het? Onze rol is niet om de sport over te nemen, maar om hem mogelijk te maken. Kijk bijvoorbeeld naar het platform Ophetwater.nl. Daar hebben we samen met wingfoilers een aparte sectie ingericht. Met onder meer een interactieve kaart van Nederland met actuele wind- en weerdata. Zodat je in één oogopslag ziet waar de omstandigheden goed zijn.

Die aanpak staat niet op zichzelf. Internationaal zie je hoe dat kan werken. De Foiling Week in Italië begon klein en groeide uit tot een platform waar innovatie en competitie samenkomen, inmiddels erkend door World Sailing. Niet door alles dicht te regelen, maar door kwaliteit toe te voegen waar dat nodig is.

Uiteindelijk is de essentie niet veranderd sinds Maui. Iemand stapt op een plank en probeert iets wat nog niet vanzelf gaat. Tot het moment waarop het wel klopt. 

Sommige ideeën hebben tijd nodig.

Tot ze vliegen.

Arno van Gerven is directeur van het Watersportverbond. Hij schrijft twee keer per maand een column over de onderwerpen die in de watersport leven. Van Gerven probeert daarmee een breed lezerspubliek – van leden tot politiek – met een knipoog te laten kijken naar kansen en ontwikkelingen in recreatie en sport. Daarbij maakt hij gebruik van alle stijlmiddelen die een schrijver van een opiniestukje ten dienste staan. Wilt u reageren, e-mail naar arno.van.gerven@watersportverbond.nl.

Deel dit artikel:

Column

De partners van het Watersportverbond

}