Op het bord stond: Rio Guadiana. Het leek op een naambordje aan een deurkozijn zonder huis. Onder de brug joeg een lauwe bries stof op tussen droge bladeren en takjes. Boven ons wiekte een ooievaar. In de Alentejo, in het zuiden van Portugal, stond ik deze zomer op een brug die nergens meer overheen ging. Ik dacht: ander land, ander klimaat.
Op 6 augustus kwam bij Lobith nog maar 655 kubieke meter Rijnwater per seconde ons land binnen, de laagste afvoer voor die kalenderdag sinds 1901. Zo’n cijfer blijft abstract totdat de jachthaven van Beusichem droogvalt of gesloten sluizen het Twentekanaal afsluiten, waaraan drie van onze verenigingen liggen. In Delfland mochten sportclubs geen water meer uit sloten halen. Voetbalclubs vreesden voor hun grasmat. Terecht. Een voetbalveld zonder water wordt bruin. Ons speelveld verdwijnt.
Een andere route kiezen is iets anders dan je vaargebied langzaam zien verdwijnen.
Klimaatverandering heeft de droogte van deze zomer versterkt, blijkt uit onder meer onderzoek van het KNMI. Er viel weinig regen; de aanhoudende warmte versnelde de verdamping. De lege rivier in Portugal is daarmee nog geen voorland voor Nederland. Toch schuiven klimaatzones noordwaarts. Wat ooit typisch Zuid-Europees leek, komt dichterbij.
Voor een land dat eeuwenlang leerde leven met te veel water, is deze zomer een vreemde ervaring. De zee moesten we altijd al buiten houden en in natte maanden zullen we overtollig water blijven afvoeren. Maar in de zomer merken we steeds vaker dat we zoet water tekortkomen. Dan moeten we vasthouden wat er nog is, terwijl bij lage rivierstanden zout water verder het land in dringt.
Die ontwikkelingen raken de watersport tot in de kern. De belofte van onze sport is eenvoudig: je stapt de deur uit, zoekt het water op en vindt je eigen weg. Daarin zit de vrijheid. Wind en stroming bepalen je route; het water zelf was nooit de vraag. Wat gebeurt er als dat verandert? Voorlopig klinkt die vraag groter dan de dagelijkse werkelijkheid. Op de meeste meren en plassen is het nog gewoon druk. Achter een sluis kan genoeg water staan, terwijl het verderop uitzonderlijk ondiep is. De droogte laat zich niet overal tegelijk zien.
Wie niet met de boot op doorreis is, merkt daar nauwelijks iets van. Maar wie deze zomer wél door Nederland trekt, moet puzzelen. Toch hoor ik opvallend weinig gemopper. Misschien omdat je niemand rechtstreeks de schuld kunt geven. Misschien ook omdat watersporters gewend zijn hun koers te veranderen als de omstandigheden daarom vragen. Alleen: een andere route kiezen is iets anders dan je vaargebied kleiner zien worden. En klunen met een vaartuig blijkt in de praktijk een stuk ingewikkelder.
Rijkswaterstaat en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat verdienen deze zomer een compliment. Ze informeren ons snel over stremmingen en beperkingen.
Vroeger moesten we nogal eens onze vinger opsteken: hadden jullie ook aan de watersport gedacht? Nu komt die informatie voordat we erom vragen.
Hoe het Watersportverbond op drogere en hetere zomers moet reageren, weet ik nog niet. We hebben er nog geen beleid voor. Maar moeten we bij wedstrijden en evenementen voortaan rekening houden met hitte en droogte? Welke verenigingen en vaargebieden zijn het kwetsbaarst? En kan een warmere herfst het seizoen juist verlengen tot in oktober of november?
Tegelijk met al deze gedachten komt er bij mij thuis in Breda, zelfs tijdens een feitelijk watertekort, gewoon schoon water uit de kraan. Dat blijft bijzonder. Hiermee vergeleken is een omweg of gesloten sluis bijzaak. Die zekerheid geeft ons de ruimte om na te denken voordat de omstandigheden voor ons beslissen. Want een watersporter leest het water niet om thuis te blijven, maar om zijn koers te bepalen. Dat lijkt me ook hier een goed begin.
Arno van Gerven is directeur van het Watersportverbond. Hij schrijft twee keer per maand een column over de onderwerpen die in de watersport leven. Van Gerven probeert daarmee een breed lezerspubliek – van leden tot politiek – met een knipoog te laten kijken naar kansen en ontwikkelingen in recreatie en sport. Daarbij maakt hij gebruik van alle stijlmiddelen die een schrijver van een opiniestukje ten dienste staan. Wil je reageren, e-mail naar arno.van.gerven@watersportverbond.nl.
