Vanmorgen zette ik mijn handtekening onder een huurcontract. Een huis in Long Beach, Californië.
De komende drie jaar huren we het telkens een maand. In 2026. In 2027. En tijdens de Olympische Spelen van 2028. Er kunnen acht mensen verblijven. Met die ene handtekening begon voor mij opnieuw de route naar Los Angeles.
Voor de buitenwereld zijn de Olympische Spelen een evenement. Voor ons zijn ze een project van bijna vier jaar.
Onze sport speelt zich af in de openbare ruimte. Dus brengen we alles in kaart.
Terwijl de eerste kwalificatiewedstrijden voor Los Angeles al worden gevaren, lopen onze teammanagers door woonwijken op zoek naar geschikte huizen. Ze zoeken gastgezinnen, brengen logistieke routes in kaart en kijken waar sporters en begeleiders straks terechtkunnen als er iets misgaat. Zelfs een tandarts kan straks het verschil maken.
Onze sport speelt zich af in de openbare ruimte. Daarom brengen we alles in kaart. Wind. Stroming. Golfslag. Watertemperatuur. Zelfs de kwaliteit van het water wordt onderzocht. Zeilers spraken onlangs over 'zwaar water'. Dan willen wij weten waar dat gevoel vandaan komt. Is het de deining? De stroming? De golfslag? Alles wat straks een verschil van seconden kan maken, verdient aandacht.
Intussen zijn de containers met boten, boards en ander materiaal al aangekomen Californië. Vrijwilligers hielpen inpakken. Coaches bereiden zich voor. NOC*NSF ondersteunt met mensen die Los Angeles door en door kennen. Iedereen levert zijn bijdrage aan hetzelfde doel. Uiteindelijk draait de hele voorbereiding om rust. Niet voor de coaches of de begeleiders, maar voor de sporters. Op de dag van de wedstrijd mogen zij zich maar met één ding bezighouden: hun race. Alles wat daaromheen kan afleiden, proberen wij maanden of zelfs jaren eerder al op te lossen. Een huis. Een logistieke route. Of inderdaad: een tandarts. Het lijken kleine details. Samen vormen ze de basis waarop topsport kan worden bedreven.
Terwijl wij vooruitkijken naar Los Angeles, weten anderen dat hun olympische route hier eindigt. De eerste sporters vallen nu al af. Jonge mensen die jarenlang alles opzij hebben gezet voor één doel. Dat blijft misschien wel het zwaarste onderdeel van een olympische campagne.
Toch overheerst iets anders. De sporters mogen iedere dag doen waar ze het liefst mee bezig zijn. Op de mooiste plekken ter wereld. Dat blijft een voorrecht. Voor hen. En eerlijk gezegd ook voor iedereen die aan zo'n campagne mag meewerken.
Over vier jaar kijkt iedereen naar de finish.
Ik denk dat ik dan even terugdenk aan dat huurcontract in Long Beach.
Arno van Gerven is directeur van het Watersportverbond. Hij schrijft twee keer per maand een column over de onderwerpen die in de watersport leven. Van Gerven probeert daarmee een breed lezerspubliek – van leden tot politiek – met een knipoog te laten kijken naar kansen en ontwikkelingen in recreatie en sport. Daarbij maakt hij gebruik van alle stijlmiddelen die een schrijver van een opiniestukje ten dienste staan. Wil je reageren, e-mail naar arno.van.gerven@watersportverbond.nl.
